De voorzitter van de gemeenteraad kan mededelingen doen vooraleer de eigenlijke zitting aanvangt.
Er wordt kennisgenomen van de mededelingen door de voorzitter:
De notulen en het zittingsverslag van de vergadering van de gemeenteraad worden onder de verantwoordelijkheid van de algemeen directeur opgesteld. De notulen worden ten minste acht dagen voor de dag van de vergadering ter beschikking gesteld van de gemeenteraadsleden.
Elk gemeenteraadslid heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast. Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering worden de notulen als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.
De notulen van de openbare zitting van 24 november 2025 worden als goedgekeurd beschouwd.
Bij besluit van 21 februari 2022 stelde de gemeenteraad het belastingreglement inzake het ontbreken of niet behouden van parkeerplaatsen en fietsstalplaatsen vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
In de zitting van de gemeenteraad van 24 januari 2022 werd de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening mobiliteit goedgekeurd. Deze verordening bepaalt bij het aanvragen van omgevingsvergunningen hoeveel parkeer- en fietsstalplaatsen er voorzien moeten worden voor een project.
Het is wenselijk dat de minimale parkeer- en fietsstalplaatsen in de mate van het mogelijke worden gerealiseerd op privaat terrein zodat de parkeerlast niet (volledig) wordt afgewenteld op het openbaar domein.
In toepassing van artikel 7 §3 1° van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening mobiliteit kan een afwijking fietsstalplaatsen op gemotiveerd verzoek worden aangevraagd door de aanvrager mits het betalen van een belasting op ontbrekende parkeer- of fietsstalplaatsen. Een afwijking kan enkel voor volgende gevallen worden toegestaan:
Een afwijking moet steeds leiden tot een verhoogde ruimtelijke kwaliteit, waarbij op basis van de goede ruimtelijke ordening zowel de kwaliteit van het project bekeken wordt, als de impact op de omgeving. Dit geldt niet voor fietsenstallingen bij woningbouw.
In toepassing van artikel 7 §3 2° van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening mobiliteit kan een belasting op ontbrekende parkeerplaatsen opgelegd worden wanneer autodeelplaatsen die zijn voorzien in een omgevingsvergunning, niet worden omgezet in een bindende samenwerkingsovereenkomst. Deze afwijking kan enkel mits akkoord van het college van burgemeester en schepenen.
De belasting voor het ontbreken of niet behouden van parkeerplaatsen of fietsenstalplaatsen is verschuldigd bij het verkrijgen van de omgevingsvergunning waarin de belasting op het ontbreken of niet behouden van parkeerplaatsen als last werd opgenomen. Indien de omgevingsvergunning niet uitgevoerd en eraan verzaakt wordt, kan een vrijstelling en/of teruggave bekomen worden van de verschuldigde belasting.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP0002356, actie AC000380 en budgetrekening 73730000.
Het belastingreglement op het ontbreken of niet behouden van parkeerplaatsen en fietsstalplaatsen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op ambulante activiteiten vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk om een belasting te heffen op ambulante activiteiten zoals bedoeld in artikel 2, § 1 van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten voor zover de ambulante activiteit niet belast wordt in toepassing van het belastingreglement op markten en kermissen. Het in gebruik nemen van het openbaar domein brengt voor de stad bijkomende kosten met zich mee op het vlak van veiligheid, afvalbeheersing, openbare netheid, verkeersveiligheid en infrastructuur. Het openbaar domein dient zowel voor als na de ambulante activiteit net gehouden te worden.
De belastingplichtige dient vooraf schriftelijk melding te doen indien van een vergunning wordt afgezien. Indien dit niet schriftelijk ten laatste de dag voor de activiteit gebeurt, dan is de belasting verschuldigd.
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000619, actie AC000384 en budgetrekening 73413000.
Het belastingreglement op ambulante activiteiten wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 27 januari 2020 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op bewaarplaatsen van voertuigen vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk om een belasting te heffen op bewaarplaatsen van voertuigen omdat, gelet op de leefbaarheid van de stad en het beheersen van de mobiliteitsdruk, verkeer dat niet als bestemming Vilvoorde heeft niet moet aangetrokken worden, en verkeersbewegingen van voertuigen die enkel op het grondgebied van Vilvoorde parkeren zonder dat de inzittenden als bestemming Vilvoorde hebben te weren.
Het doel van de belasting is niet parkeerplaatsen voor privégebruik of personeelsparkings te belasten. Daarom worden vrijgesteld van deze belasting:
Het belastingtarief bleef sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd. De gezondheidsindex steeg in de periode oktober 2019 tot oktober 2025 met 25%. Het belastingtarief wordt daarom verhoogd met 25% (afronding tot op 1 euro).
Vanaf 2027 wordt de belasting jaarlijks geïndexeerd conform de geldende gezondheidsindex, zodat de vergoeding de inflatie bijhoudt en de reële waarde behoudt (afronding tot op 1 euro).
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000617, actie AC000382 en budgetrekening 73499100.
Het belastingreglement op bewaarplaatsen van voertuigen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op de begraving van al dan niet veraste stoffelijke overblijfselen, de uitstrooiing van veraste stoffelijke overblijfselen en de bijzetting van veraste stoffelijk overblijfselen in een columbarium vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk om een belasting te heffen op de begraving, uitstrooiing of bijzetting van al dan niet veraste stoffelijke overblijfselen omdat hiervoor beroep dient te worden gedaan op stadspersoneel.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Zijn vrijgesteld van de belasting:
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000528, actie AC000339 en budgetrekening 73311000.
Het belastingreglement op de begraving van al dan niet veraste stoffelijke overblijfselen, de uitstrooiing van veraste stoffelijke overblijfselen en de bijzetting van veraste stoffelijke overblijfselen in een columbarium of urnenveld wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 23 september 2024 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op de voor bestemmelingen kosteloze verspreiding van reclamedrukwerk vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient opnieuw een belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven. Het is wenselijk om een belasting te heffen op de voor bestemmelingen kosteloze verspreiding van reclamedrukwerk. Het ongevraagd en systematisch verspreiden van ongeadresseerd drukwerk in alle brievenbussen of op de openbare weg is nadelig voor het milieu. Het belandt op de openbare wegen en zorgt zo voor vervuiling van het openbaar domein. Het volume papierafval verhoogt en het brengt bijkomende kosten van onder meer ophaling en verwerking met zich mee.
De stad wil met deze belasting dat de “vervuiler betaalt”. De kosten voor maatregelen ter voorkoming, vermindering en bestrijding van verontreiniging en voor het herstellen van schade zijn voor rekening van de vervuiler. Drukwerken die voor 30% of meer worden ingenomen door tekst en/of afbeeldingen zonder handelskarakter zijn vrijgesteld. Verenigingen zonder winstoogmerk voor zover ze sociale of culturele doeleinden hebben, plaatselijke sport- of culturele verenigingen voor zover ze folders uitgeven voor eigen organisaties, publiciteit gevoerd door vormingsinstellingen en plaatselijke onderwijsinstellingen, politieke partijen en regionale pers zijn ook vrijgesteld. Deze vrijstellingen worden toegestaan omdat deze drukwerken niet beroepsmatig commerciële informatie bevatten en deze vooral bedoeld zijn om te informeren en rechtstreeks verband houden met de openbare functie of socioculturele aard van de verspreider.
Het geadresseerd drukwerk wordt selectiever verspreid en veroorzaakt een kleinere vervuiling en wordt daarom niet belast.
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met 20% van de ontdoken belasting om belastingplichtingen aan te zetten tot correcte en tijdige aangifte zodat het administratief proces vlot kan verlopen.
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000606, actie AC000308 en budgetrekening 73424000.
Het belastingreglement op de voor bestemmelingen kosteloze verspreiding van reclamedrukwerk wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het reglement op het aanvragen en/of melden van een omgevingsvergunning, het aanvragen van een stedenbouwkundig attest, de afgifte van stedenbouwkundige inlichtingen en het aanvragen van advies voor notariële splitsingen vast, voor een termijn eindigend op 31 december 2025. Bij besluit van 27 november 2023 werd door de gemeenteraad artikel 6 over stedenbouwkundige inlichtingen opgeheven, met ingang vanaf 9 januari 2024. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Door het decreet betreffende de omgevingsvergunning is er één enkele procedure ingesteld voor wat betreft de vergunningsplicht of de meldingsplicht, voor zowel de stedenbouwkundige handelingen en de verkavelingen (bedoeld in de artikelen 4.2.1, 4.2.2 en 4.2.15 van de Vlaamse Codex Ruimtelijk Ordening – VCRO) als voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van de eerste de tweede of de derde klasse.
Het is gerechtvaardigd om in de vorm van een belasting een bijdrage te vragen voor de gemeentelijke inzet van middelen bij de behandeling van vergunningsaanvragen en meldingen in het kader van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Zijn van de belasting volledig vrijgesteld:
Zijn van de belasting voor de melding van het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen en voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen – eenvoudige procedure vrijgesteld (69,00 euro):
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro (artikels 4, 5 & 7) of 1 eurocent (artikel 6).
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP002354, actie AC000379 en budgetrekening 73160000.
Het belastingreglement op het aanvragen en/of melden van een omgevingsvergunning, het aanvragen van een stedenbouwkundig attest en het aanvragen van advies voor notariële splitsingen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
In zitting van 23 september 2024 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op het exploiteren van een toeristisch logies vast voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Het is wenselijk om een belasting te heffen op verblijven van toeristen of personen die tijdelijk in de stad verblijf houden omdat mensen die in de stad overnachten in een toeristisch logies ook gebruik maken van de stadsvoorzieningen, kunnen genieten van de inspanningen die de stad levert voor veiligheid en verfraaiing van de stad, zodat het billijk is naar aanleiding van dit tijdelijk verblijf in de stad ook een bijdrage te vragen in de kosten van de stedelijke dienstverlening.
Het gaat om een belasting op elke overnachting in een verblijf voor toeristen, zoals gastenkamers, B&B's, hotels, jeugdherbergen, vakantielogies, vakantiewoningen en campings, die door de exploitant kan doorgerekend worden aan de toerist. Met ‘toerist’ wordt elke persoon bedoeld die verblijft op een andere dan zijn alledaagse omgeving. Het gaat dus niet enkel om vrijetijdstoerisme, maar ook om zakenreizen.
Het gaat niet om het verblijf van personen opgenomen in het ziekenhuis en hun begeleiders, personen inwonend in onderwijsinstellingen of personen die krachtens hun statuut ontslagen zijn van inschrijving in de bevolkingsregisters.
Er wordt een vrijstelling voorzien voor jeugdverblijven om de jeugdwerkinitiatieven te steunen, als ze van onroerende voorheffing zijn vrijgesteld.
Er is een vrijstelling voorzien voor kleinschalig aanbod van logies. Het is proceseconomisch niet wenselijk deze verblijven te belasten die zouden leiden tot minimale ontvangsten die zouden teniet gedaan worden door het administratieve opvolgingswerk. Toeristische logies met minder dan 3 verhuurbare eenheden binnen één gebouw worden vrijgesteld.
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met 20% van de ontdoken belasting om belastingplichtingen aan te zetten tot correcte en tijdige aangifte zodat het administratief proces vlot kan verlopen.
De uitbater van een toeristisch logies is zelf verantwoordelijk voor de correcte doorrekening aan de gebruikers en de correcte toepassing van de btw-regelgeving hierbij. Exploitanten die btw-plichtig zijn, moeten 6% btw aanrekenen bij de doorrekening van de belasting aan de toerist op grond van artikel 26 van het wetboek van de belastingen over de toegevoegde waarde.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 eurocent.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000621, actie AC000386 en budgetrekening 73420000.
Het belastingreglement op het exploiteren van een toeristische logies wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 24 oktober 2022 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater bij bestaande woningen in de door de stad vastgestelde afkoppelingsprojecten vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Aangezien het niet-conform aansluiten of afkoppelen van een woning indirect aanleiding kan geven tot hogere saneringskosten, vervuiling en/of een hoger risico op schade, is het wenselijk een belasting te vestigen op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater bij bestaande woningen met het oog op het financieren van deze bijkomende openbare dienstverlening.
Eigenaars of houders van het zakelijk recht van gebouwen waarvoor de optimale afkoppeling technisch-economisch niet haalbaar is, worden vrijgesteld van deze belasting.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP002068, actie AC000378 en budgetrekening 73304000.
Het belastingreglement op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater bij bestaande woningen in de door de stad vastgestelde afkoppelingsprojecten wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op masten, pylonen en andere draagconstructies vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk om de aanwezigheid van masten, pylonen en andere draagconstructies op het grondgebied van de stad te beperken wegens de veroorzaakte visuele vervuiling, de landschapsverstoring, en het doorbreken van de open ruimte. Deze hinder wordt gecompenseerd door een belasting, die bovendien een stimulans kan zijn om deze masten en pylonen te beperken wat noodzakelijk is voor de goede ruimtelijke ordening van de stad en streek.
Het gebruik van hernieuwbare energiebronnen/het produceren van groene stroom dient aangemoedigd te worden en om die reden wordt vrijstelling van belasting verleend voor windmolens.
Constructies voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten zijn wegens uitvoering van primaire overheidstaken eveneens vrijgesteld van de belasting, enkel als op deze constructies geen andere antennes worden geplaatst.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000616, actie AC000381 en budgetrekening 73609000.
Het belastingreglement op masten, pylonen en andere draagconstructies wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op nachtwinkels vast voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Door de aard en het tijdstip van hun activiteiten belasten nachtwinkels meer dan andere types handelszaken veiligheids- en andere stedelijke openbare diensten extra ter handhaving van de openbare orde en de openbare netheid. Daarom is het gewettigd om deze zaken financieel te laten bijdragen ten gunste van het stadsbestuur en dus een belasting te heffen.
De wet openingsuren verplicht handelszaken te sluiten tussen 20 uur (21 uur op vrijdagen en dagen voor een wettelijke feestdag) en 5 uur, mits een aantal uitzonderingen. Zo ook vestigingseenheden waarvan de hoofdactiviteit de verkoop van kranten, tijdschriften, tabak en rookwaren, telefoonkaarten en producten van de Nationale Loterij (= dagbladhandels) uitmaakt. Er is sprake van een hoofdactiviteit als de verkoop van de vermelde productgroep minstens 50% van de jaaromzet vertegenwoordigt. Een vestigingseenheid die dus al deze productcategorieën te koop aanbiedt én met de verkoop van die producten minstens 50% van de omzet verkrijgt, is dus een dagbladhandel en valt dus niet onder de verplichte sluitingsuren. Dit betekent dat een dagbladhandel in principe 7 dagen op 7 en 24 op 24 uur open mag zijn. Sinds enkele jaren hebben uitbaters van dagwinkels deze uitzondering in de wetgeving gebruikt om als de facto nachtwinkel te kunnen openen. Omdat dergelijke ‘verdoken nachtwinkels’ ook overlast kunnen veroorzaken en als oneerlijke concurrentie gezien worden door vergunde nachtwinkels (die onderworpen zijn aan een belasting), wenst de stad Vilvoorde een belasting te heffen.
Heden zijn er in de stad drie gekende dagbladhandels die de uitzondering in de wet gebruiken om langer open te zijn. De politie heeft bij twee van de drie vestigingen al meermaals vaststellingen gedaan van overlast. Dat gaat van parkeerproblematiek tot aantrek van hangjongeren tijdens de late uren. De politie krijgt regelmatig meldingen van buurtbewoners en moet geregeld een interventie doen. Het is duidelijk dat, net als de echte nachtwinkels, deze dagbladhandels met ruimere openingsuren de veiligheidsdiensten extra belasten in het kader van de handhaving van de openbare orde.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000620, actie AC000385 en budgetrekening 73408000.
Het belastingreglement op nachtwinkels en dagbladhandels met ruimere openingsuren wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 18 december 2023 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op bestrijding van leegstand van gebouwen en woningen vast voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
De stad houdt een register van leegstaande woningen en gebouwen bij, waarbij eigenaars van panden die in het register zijn opgenomen jaarlijks worden belast. Dit om de eigenaars aan te zetten het pand te activeren.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen gebouwen en woningen. Een gebouw wordt als leegstaand beschouwd indien meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een termijn van ten minste twaalf opeenvolgende maanden. Daarbij wordt geen rekening gehouden met woningen die deel uitmaken van het gebouw.
Een woning wordt in het huidig belastingreglement op leegstaande woningen en gebouwen als leegstaand beschouwd wanneer die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie.
Het reglement voorziet in persoonsgebonden vrijstellingen (beperkt in de tijd) voor:
Het reglement voorziet in gebouwgebonden vrijstellingen (beperkt in de tijd) als er actief gewerkt wordt aan het beëindigen van de leegstand:
Het reglement voorziet een vrijstelling wanneer de leegstand het gevolg is van overmacht.
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000607, actie AC000375 en budgetrekening 73740000.
Het belastingreglement ter bestrijding van leegstand van gebouwen en woningen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 februari 2020 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op de exploitatie van taxidiensten, diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder en diensten voor individueel bezoldigd personenvervoer vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw reglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het reglement wordt omgezet van een belastingreglement naar een retributiereglement, conform de aanbevelingen van de Vlaamse overheid. De basis voor de gemeentelijke retributie op vergunningen en op de afgifte van bestuurderspassen is de Vlaamse regelgeving over het individueel bezoldigd personenvervoer. Een afzonderlijk gemeentelijk retributiereglement is niet vereist, maar mag voor zover dit overeenstemt met het decretaal kader. Voor de gemeentelijke retributie op standplaatsmachtigingen is wel een gemeentelijk retributiereglement vereist. Voor de duidelijkheid worden ook de decretaal geregelde retributies opgenomen in dit retributiereglement.
De gemeenten staan in voor het afleveren van vergunningen voor individueel bezoldigd personenvervoer, moeten deze vervolgens controleren en zorgen voor voldoende taxistandplaatsen. Hiervoor mag de gemeente een retributie aanrekenen.
De hogere regelgeving voorziet een jaarlijkse indexatie van de retributie voor het exploiteren van een dienst voor individueel bezoldigd personenvervoer en voor de afgifte van een bestuurderspas, op basis van het indexcijfer. Voor standplaatsmachtigingen wordt voor hetzelfde indexatiemechanisme gekozen, zodat ze de inflatie volgt en de reële waarde behoudt.
De retributie voor standplaatsmachtigingen wordt door stad Vilvoorde bepaald. Het bedrag van deze gemeentelijke retributie is sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 op ramingen MJP000618, MJP004169 en MJP004315, actie AC000639 en budgetrekeningen 70040000 (vergunningen), 70041000 (bestuurderspassen) en 70042000 (standplaatsmachtigingen).
Het retributiereglement houdende de exploitatie van diensten voor individueel bezoldigd personenvervoer wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 22 mei 2023 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op de tijdelijke bezetting van de openbare weg vast, voor een termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is immers wenselijk een ontradende belasting te heffen op tijdelijke bezetting van het openbaar domein omdat dit hinder met zich meebrengt en door het heffen van een belasting de periode van de bezetting zo kort mogelijk te houden.
Er worden vrijstellingen voorzien voor innames die door de stad wenselijk worden geacht doordat het bijvoorbeeld over erkende initiatieven gaat, burger/buurtinitiatieven, de onderwijsinstellingen, andere overheden/besturen/openbare diensten, Vlaamse Huisvestingsmaatschappij, voor activiteiten/renovaties betoelaagd door de stad, of voor innames die het gevolg zijn van keuzes van het stadsbestuur (bijvoorbeeld door handelaars ten gevolge van wegeniswerken) of voor innames die via specifieke aparte procedures vergund zijn (markten/kermissen/circussen met een retributie, terrassen en uitstallingen van koopwaar zonder retributie) of voor innames voor door de stad vergunde plaatsing van tegeltuinen, plant- of bloembakken, fietsrekken, particuliere fietsbox voor een persoon met een beperking of voor innames in park Drie Fonteinen en in het Hanssenspark (voor zover deze worden belast door Agentschap voor Natuur en Bos die deze parken beheert en tijdelijke bezettingen goedkeurt).
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds 2020 ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro of 1 eurocent (bedrag per m²).
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000624, actie AC000377 en budgetrekening 73610000.
Het belastingreglement op de tijdelijke bezetting van de openbare weg wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op aanplakborden zichtbaar vanaf de openbare weg vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk een ontradende belasting te heffen op reclameborden omdat deze het openbaar domein ontsieren.
De borden die deel uitmaken van het publicitair straatmeubilair waarvoor een concessieovereenkomst loopt tussen de stad en een private partner, en waarvoor dus een vergoeding wordt betaald, zijn vrijgesteld in dit reglement.
De borden welke uitsluitend voorbehouden zijn voor een openbare dienst of voor een werk of organisme zonder winstoogmerk van menslievende, artistieke, letterkundige, wetenschappelijke aard of van openbaar nut en borden in kader van pps-overeenkomsten tussen stad Vilvoorde en andere partner(s) worden vrijgesteld.
Reclame op een gebouw of een andere constructie, die de naam van de uitbating, exploitant of de aard van de exploitatie vermelden of die op één of andere wijze rechtstreeks verwijst naar de ter plaatse uitgeoefende activiteit worden niet geviseerd met deze belasting en vallen daarom ook onder de vrijstellingen.
Het bedrag van deze gemeentelijke belasting is sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000622, actie AC000387 en budgetrekening 73422000.
Het belastingreglement op reclameborden zichtbaar vanaf de openbare weg wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het belastingreglement op bestrijding van verwaarlozing van gebouwen en woningen vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk een belasting te heffen op verwaarloosde gebouwen en woningen omdat langdurige verkrotting en verwaarlozing van woningen en gebouwen in de stad moet voorkomen en bestreden worden.
Het reglement voorziet in verschillende vrijstellingen van belasting. Een eerste vrijstelling betreft de nieuwe zakelijke gerechtigde, die vrijgesteld is voor een periode van twee jaar. Het is redelijk om een nieuwe eigenaar niet onmiddellijk te belasten en deze enige tijd te geven om de situatie in regel te stellen. Uitzonderingen betreffen die situaties waarbij het recht eenvoudig van rechtspersoon wijzigt zonder dat dit een significante moeite of financiële inspanning (bv. registratierechten) vereist. Zo willen we voorkomen dat men eenvoudig rechten overdraagt om de belasting te ontlopen. Dit betreft de volgende gevallen:
Een tweede type vrijstelling betreft de renovatie van een pand met of zonder vergunning, waarbij in beide gevallen een periode van twee jaar vrijstelling toegekend wordt. Dit lijkt redelijk, gezien de doelstelling van de inventaris verwaarlozing net is om eigenaars tot renovatie aan te zetten. De vrijstelling geldt enkel voor renovatiewerken die het wegwerken van de verwaarlozing als doel hebben, of voor noodzakelijk structurele werken die het uitvoeren van die werken die verwaarlozing verhelpen tijdelijk verhinderen. Concreet zal bijvoorbeeld geen vrijstelling bekomen worden voor het voorzien van een beperkte lichtreclame aan de gevel, maar wel voor het isoleren en bezetten van de voorgevel. Indien hiervoor eerst nog de voorgevel dient gerenoveerd te worden, wordt ook vrijstelling toegekend. Indien eerst een aanbouw wordt gezet vooraleer de verwaarlozing van bijvoorbeeld de voorgevel wordt aangepakt, gelden deze werken niet om vrijstelling te bekomen. Sociale woningen worden enkel vrijgesteld indien deze vervat zitten in een project dat besproken werd op het lokaal woonoverleg, zodat er zicht is op het traject en timing van renovatie.
Er zijn nog twee vrijstellingen voor specifieke situaties, enerzijds voor onteigeningen en anderzijds voor sociaal beheersrecht. In beide gevallen is geen belasting verschuldigd gezien de eigenaar in die gevallen geen beslissingen kan nemen over zijn eigen pand.
Ten slotte is er nog een vrijstelling mogelijk wanneer de verwaarlozing het gevolg is van overmacht.
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000608, actie AC000376 en budgetrekening 73750000.
Het belastingreglement ter bestrijding van verwaarlozing van gebouwen en woningen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019, stelde de gemeenteraad het belastingreglement op economische bedrijvigheid vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient opnieuw een belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is aangewezen een financiële bijdrage van ondernemingen gevestigd op het grondgebied van de stad voor het gebruik van gemeentelijke infrastructuur en algemene dienstverlening op gebied van wegen, riolering, ruimtelijke ordening en milieubeleid te vorderen. Het bestuur streeft naar een billijke, evenwichtige en rechtmatige verdeling van de belastingdruk tussen natuurlijke en rechtspersonen.
De hoogte van de financiële bijdrage wordt afhankelijk gesteld van de draagkracht van de ondernemingen, de invloed van de onderneming op de gemeentelijke uitgaven en hun impact op het milieu en de gemeentelijke infrastructuur. Voor de belastbare grondslag worden drie factoren in rekening genomen: oppervlakte, vermogen van de motoren en opslagcapaciteit. Ondernemingen die de meeste hinder veroorzaken naar de omgeving toe worden het zwaarst belast.
In het bijzonder oefenen ondernemingen die in het kader van hun bedrijfsactiviteit gebruikmaken van motoren in het algemeen een veel grotere invloed uit en/of vertonen een veel groter gebruik en verbruik van de voorziene elektriciteitsvoorzieningen ten opzichte van de ondernemingen die in het kader van hun bedrijfsactiviteit geen motoren aanwenden.
Commerciële rechtspersonen hebben in het algemeen een grotere invloed op de gemeentelijke uitgaven en in het algemeen een grotere financiële draagkracht dan de in de artikelen 180,181 en 182 van het WIB bedoelde rechtspersonen. In tegenstelling tot commerciële rechtspersonen is het winstbejag niet de belangrijkste bestaansreden voor de rechtspersonen bedoeld in de artikelen 180,181 en 182 WIB 1992. Het is aangewezen om vennootschappen die wegens artikel 180, 181 en 182 van het Wetboek inkomstenbelastingen 1992 niet aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn ook niet aan de gemeentelijke belasting te onderwerpen.
Het is aangewezen om de doelgroep van belastingplichtigen af te stemmen op de data opgenomen in de Verrijkte Kruispuntbank voor Ondernemingen (VKBO) ten einde het administratief werk van de financiële dienst te faciliteren.
Het is niet wenselijk om verenigingen die de stad via haar subsidiereglementen subsidieert omwille van hun verdiensten tegenover de bevolking (sportverenigingen, jeugdverenigingen, socio-culturele verenigingen) en zeer waardevolle sociale initiatieven zoals maatwerkbedrijven en instellingen waar zieken en gehandicapten residentieel verzorgd worden, te belasten.
Ondernemingen die niet onderworpen zijn aan btw (artikel 44 van het btw-wetboek) worden vrijgesteld van de belasting op economische bedrijvigheid. Ondernemingen die btw-belastingplichtig zijn, maar genieten van de btw-vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen omwille van een laag omzetcijfer (artikel 56bis e.v. btw-wetboek) worden ook vrijgesteld. Deze btw-vrijstellingsregeling blijkt niet in de Verrijkte Kruispuntbank voor Ondernemingen en de belastingplichtige zal hiervan melding moeten maken waarna de dienst Financiën dit controleert.
In Vilvoorde zijn er veel vzw’s actief op het filantropische, sociale, sportieve en/of culturele vlak. Het stadsbestuur wenst die initiatieven niet te belasten omwille van de maatschappelijke meerwaarde die dergelijke vzw’s meestal hebben.
Natuurlijke personen-ondernemingen die in Vilvoorde gedomicilieerd zijn worden in de Verrijkte Kruispuntbank voor Ondernemingen opgenomen met hun domicilieadres in Vilvoorde en eventueel aanvullend met een vestiging als zij hun activiteiten op een ander adres dan hun domicilieadres uitoefenen.
Natuurlijke personen-ondernemingen die gedomicilieerd zijn in Vilvoorde maar hun activiteiten enkel buiten Vilvoorde uitoefenen en in de Verrijkte Kruispuntbank voor Ondernemingen een vestiging hebben buiten Vilvoorde worden al vrijgesteld indien ze dit aantonen aan de hand van de nodige bewijsstukken en een verklaring op erewoord.
Btw-eenheden (art. 4§2 van het btw-wetboek) oefenen geen activiteiten uit en zijn louter een administratief vehikel om de btw-administratie te vereenvoudigen en worden daarom niet belast.
Opslagruimtes voor goederen waarvan de hoeveelheid wordt uitgedrukt in ton of m³ zijn meestal minder gevuld dan opslagruimtes voor goederen waarvan de hoeveelheid wordt uitgedrukt in liter, maar dit verschil wordt verondersteld kleiner te zijn naarmate de opslagruimtes groter zijn en dus is het wenselijk om een lager tarief te hanteren voor de eerste twee schijven van het eerste type opslagruimte.
De bedragen van deze gemeentelijke belasting zijn sinds de vorige vaststelling van het belastingreglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de belastingen te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro (minimumbedragen), 0,0001 euro (voor de bedragen berekend per liter) of 1 eurocent (overige).
Vanaf 2027 worden de gemeentelijke belastingen jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000605, actie AC000373 en budgetrekening 73400000.
Het belastingreglement op de economische bedrijvigheid wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad de aanvullende belasting op de personenbelasting voor het aanslagjaren 2020-2025 vast.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de inwoners van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Bijgevolg wordt er voor de volgende jaren opnieuw een aanvullende belasting op de personenbelasting geheven. Het percentage wordt behouden voor de aanslagjaren 2026-2031.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 MJP000601, actie AC000371, budgetrekening 73010000.
Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die in de gemeente belastbaar zijn op 1 januari van het aanslagjaar.
De belasting wordt vastgesteld op 7,2 % van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting gebeuren door het bestuur der directe belastingen, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het reglement betreffende de opcentiemen op de Vlaamse belasting ter bestrijding van ongeschikte en onbewoonbare woningen vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het stadsbestuur wenst een streng beleid te voeren ten aanzien van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP002818, actie AC000073 en budgetrekening 73040000.
De opcentiemen op de door het Vlaams Gewest geheven heffing op ongeschikte en onbewoonbare woningen worden vastgesteld.
Voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 worden 100 opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaamse Gewest ingevoerd door Titel 2, Hoofdstuk 5 van het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit.
De stad doet een beroep op de medewerking van de Vlaamse Belastingdienst met het oog op de invordering van deze opcentiemen.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad de opcentiemen op de Vlaamse belasting ter bestrijding van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw belastingreglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het stadsbestuur wenst een streng beleid te voeren ten aanzien van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten. De opcentiemen worden behouden op 125.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP001509, actie AC000092 en budgetrekening 73050000.
De opcentiemen op de door het Vlaams Gewest geïnde heffing op leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten worden vastgesteld.
Voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 worden 125 opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaamse Gewest ingevoerd door Titel 2, Hoofdstuk 6 van het decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit.
De stad doet een beroep op de medewerking van de Vlaamse Belastingdienst met het oog op de invordering van deze opcentiemen.
De opcentiemen werden in 2014 vastgesteld op 1 525. In 2018, bij de aanpassing van de basisheffing van de onroerende voorheffing in het Vlaams Gewest, werd dit omgezet naar 960 opcentiemen, waarbij de fiscale druk gelijk bleef.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
Bijgevolg wordt er voor de volgende jaren opnieuw gemeentelijke opcentiemen geheven. De opcentiemen van 960 blijven behouden voor de aanslagjaren 2026 tot 2031.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 MJP000600, actie AC000370, budgetrekening 73000000.
Voor de aanslagjaren 2026 tot 2031 worden 960 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing geheven.
De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door de Vlaamse Belastingdienst.
Bij besluit van 27 februari 2023 stelde de gemeenteraad het retributiereglement inzake vrijetijdsaanbod vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. De gemeenteraad van 24 juni 2024 keurde een aanpassing van artikel 25 (drankverkoop bij evenementen) van het reglement goed. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het retributiereglement inzake het gebruik van de opnamestudio ‘Urbanvil Studio’ vast, voor een termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026. De retributie voor het gebruik van de opnamestudio wordt geïntegreerd in het retributiereglement inzake vrijetijdsaanbod en het retributiereglement inzake het gebruik van de opnamestudio ‘Urbanvil Studio’ wordt niet hernieuwd.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het retributiereglement houdende het vissen in de stadsvijvers vast, voor een termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026. De retributie houdende het vissen in de stadsvijvers wordt geïntegreerd in het retributiereglement inzake vrijetijdsaanbod en het retributiereglement houdende het vissen in de stadsvijvers wordt niet hernieuwd.
Het retributiereglement omvat retributies voor een aantal inkomprijzen, inschrijvingsgelden, drankprijzen e.d. m.b.t. het vrijetijdsaanbod. Het tariefreglement bestaat uit 5 rubrieken:
De retributies voor het jaaraanbod worden gelijkgetrokken voor de verschillende werkingen (met uitzondering van visabonnementen en buurtwerking). De retributies voor het vakantieaanbod worden gelijkgetrokken voor de verschillende werkingen (met uitzondering van sportkampen en tienerkampen).
De retributies zijn sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven (met uitzondering van de retributies van drankverkoop op evenementen). In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de retributies te herstellen, worden deze verhoogd met 25% (met uitzondering van de retributies van drankverkoop op evenementen) en afgerond op 1 euro (artikels 3, 5, 6, 8, 9, 10, 15 en 17), 50 eurocent (artikel 11) of 10 eurocent (artikel 4 en 7).
Vanaf 2027 worden de retributies jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op verschillende ramingen, acties AC000237 (fietslessen), AC000246 (vakantieaanbod), AC000250 (evenementen), AC000610 (jaaraanbod tieners) en AC000611 (jaaraanbod overige) en budgetrekeningen 70071100 (sportaanbod), 70090400 (drankverkoop) en 70070300 (jeugdaanbod).
Het retributiereglement inzake vrijetijdsaanbod wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 17 december 2019 stelde de gemeenteraad het retributiereglement op de afgifte van administratieve stukken vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. De gemeenteraad stelde op 20 december 2021, 25 april 2022 en 29 januari 2024 wijzigingen aan het retributiereglement vast. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het stadsbestuur dient aan de federale overheid een vergoeding te betalen voor de aanmaak en levering van de uit te reiken identiteitsdocumenten, rijbewijzen en reispassen en rekent dit door. Het bestuur maakt zelf ook kosten naar aanleiding van de behandeling van de aanvragen en de uitreiking van deze en andere documenten. Het is wenselijk om de aanvrager van de dienstverlening een billijke bijdrage te vragen in de kostprijs van deze administratieve documenten. Er wordt een hogere bijdrage gevraagd voor spoedprocedures om burgers aan te zetten hun administratieve stukken tijdig aan te vragen en om de administratieve overlast die spoedprocedures met zich meebrengen te compenseren. Er wordt een minimale bijdrage gevraagd voor basisdocumenten zoals eID en rijbewijzen. Geneologische opzoekingen worden gratis uitgevoerd, tenzij dit meer dan 15 minuten werk vraagt. In dat geval is een vaste bijdrage per halfuur verschuldigd die de administratieve kost compenseert.
Indien een andere overheid geen kosten aanrekent op een document, zal door het gemeentebestuur ook geen retributie aangerekend worden.
De retributies zijn sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de retributies te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de retributies jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000516, actie AC000334 en budgetrekening 70000100.
Het retributiereglement op de afgifte van administratieve documenten wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 18 december 2023 stelde de gemeenteraad de laatste wijziging aan het retributiereglement op parkeren vast, voor onbepaalde duur.
Bij een hoge parkeerdruk (zoals ervaren door de buurtbewoners) is het reglementeren van het parkeren aangewezen als signaalfunctie dat de ruimte op het openbaar domein beperkt is en dat hier kosten tegenover staan. Naar bezoekers toe worden deze beperkingen vertaald in de gelimiteerde gratis parkeerduur (4 uur) en retributies (forfaitair per dag) indien men deze parkeerduur overschrijdt. Naar de bewoners van de wijk toe wordt een symbolisch signaal gegeven dat wanneer een goed schaars is, hier kosten tegenover staan (i.c. jaarlijkse kosten voor een parkeerabonnement of bewonerskaart). De bewonerskaart verleent parkeerrechten binnen een bepaalde bewonerskaartzone aan een gunsttarief maar wordt slechts onder strikte voorwaarden verleend.
Er is een vrijstelling voorzien voor nutsmaatschappijen, zorgkundigen van Zorg Vilvoorde, dienstvoertuigen stad Vilvoorde en politie en cambio voertuigen waarvoor een overeenkomst met de stad is afgesloten en die in centrum gestationeerd zijn omdat indirect de kost daarvan anders bij de stad komt te liggen.
Het retributietarief bleef sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd. De gezondheidsindex steeg in de periode oktober 2019 tot oktober 2025 met 25%. Het retributietarief wordt daarom verhoogd met 25% (afronding tot op 1 euro of 10 eurocent).
Vanaf 2027 wordt de retributie jaarlijks geïndexeerd conform de geldende gezondheidsindex, zodat de vergoeding de inflatie bijhoudt en de reële waarde behoudt.
Alle “extra” bruto meer-inkomsten die voortvloeien uit een tariefverhoging voor de parkeerplaatsen “op de straat” worden verdeeld tussen de Opdrachtgevende Overheid en de Opdrachtnemer met toepassing van volgende verdeelsleutel:
- 80% van de meeropbrengsten komen toe aan de Opdrachtgevende Overheid.
- 20% van de meeropbrengsten komen toe aan de Opdrachtnemer.
De retributies voor de aanmaningen wijzigen niet. De wet van 4 mei 2023 houdende de invoeging van boek XIX "Schulden van de consument" in het Wetboek van economisch recht, maakt dat de indexering van het bedrag van de tweede aanmaning weliswaar mogelijk is tot maximum 20 euro, maar niet wenselijk is.
Het retributiereglement zal in de loop van de legislatuur nog bijgestuurd worden naar aanleiding van de resultaten van de parkeerstudie.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000604, actie AC000388 en budgetrekening 70058000.
Het retributiereglement op parkeren wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Het besluit van 18 december 2023 houdende de vaststelling van het retributiereglement op parkeren wordt opgeheven.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 27 november 2023 stelde de gemeenteraad het retributiereglement voor het verstrekken van vastgoedinformatie vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Notarissen, vastgoedmakelaars en particulieren kunnen bij het stadsbestuur informatie over onroerende goederen aanvragen, zogenaamde ‘vastgoed inlichtingen voor overdacht’. Het is immers belangrijk dat potentiële kopers met kennis van zaken een beslissing kunnen nemen over een onroerend goed. Het gaat meer specifiek om de informatieplicht van de instrumenterende ambtenaar in de zin van Artikelen 5.2.1, 5.2.5, 5.2.6 en 5.2.7 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO).
Het verzamelen en ontsluiten van vastgoeddossiers via het Vastgoedinformatieplatform (VIP) van het agentschap Digitaal Vlaanderen op verzoek van aanvragers brengt voor de gemeente een administratieve last en bijhorende kost met zich mee. Hiervoor dient een retributie aangerekend te worden.
De retributies zijn sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven. Tussen 2020 en 2023 bedroeg de retributie meestal 3 maal 30 euro, vanaf 2024 altijd 90 euro. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de retributies te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de retributies jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP002355, actie AC000451 en budgetrekening 70003000.
Het retributiereglement voor het verstrekken van vastgoedinformatie wordt vastgesteld.
Het retributiereglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.
Bij besluit van 27 september 2021 stelde de gemeenteraad het retributiereglement op de inzameling, het hergebruik, de recyclage, de nuttige toepassing en de verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen vast, voor onbepaalde duur.
De Vlaamse regelgeving verplicht lokale besturen in Vlarema om in de aanrekening van dienstverlening rond huishoudelijk afval de werkelijke kost aan te rekenen.
De tarieven worden geactualiseerd voor huisvuil, PMD, GFT, papier/karton, glas en de diverse fracties op het recyclagepark voor het kalenderjaar 2026. De herziening is gebaseerd op kostendekkendheid, marktvergelijking, beleidsdoelstellingen en OVAM-richtlijnen.
In uitvoering van de decretale bepalingen en in navolging van de beleidsrichtlijnen inzake kostendekkendheid, selectieve afvalinzameling en duurzaam afvalbeheer, heeft de raad van bestuur van INCOVO een ontwerpvoorstel tot actualisatie van de tarieven voor het kalenderjaar 2026 goedgekeurd. Deze tarieven betreffen de verschillende inzamelmethodes van huishoudelijk afval, met inbegrip van huisvuil, GFT, PMD, papier/karton, glas, en de diverse fracties op het recyclagepark.
De herziening van de tarieven houdt rekening met:
Het tariefvoorstel omvat tevens enkele structurele aanpassingen, zoals de omschakeling naar een vaste jaarprijs voor GFT-stickers, de verhoging van de toegestane gratis fractie op het recyclagepark, en de invoering van een vereenvoudigde en transparante tariefstructuur voor grofvuil.
Tariefwijzigingen - samenvatting nieuwe tarieven:
Restafval:
PMD:
Papier/karton:
GFT:
Recyclagepark:
Compostvaten en compostbakken:
Het reglement op de inzameling, het hergebruik, de recyclage, de nuttige toepassing en de verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Het besluit van 27 september 2021 houdende het vaststellen van het reglement op de inzameling, het hergebruik, de recyclage, de nuttige toepassing en de verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen wordt opgeheven.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 19 december 2022 stelde de gemeenteraad het retributiereglement voor de concessies op stedelijke begraafplaatsen, voor het aankopen en begraven in een grafkelder, en voor de verkoop van columbariumvaasjes en gegraveerde naamplaatjes vast, zonder einddatum. Het is opportuun om het reglement opnieuw vast te stellen vanaf 1 januari 2026.
De retributies zijn sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de retributies te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de retributies jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op:
en actie AC000339 en budgetrekening 70020000.
Het retributiereglement voor de concessies op stedelijke begraafplaatsen, voor het aankopen en begraven in een grafkelder, voor een asverstrooiing op de stedelijke begraafplaats, voor de verkoop van columbariumvaasjes en gegraveerde naamplaatjes wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2022 betreffende het vaststellen van het retributiereglement voor de concessies op stedelijke begraafplaatsen, voor het aankopen en begraven in een grafkelder, en voor de verkoop van columbariumvaasjes en gegraveerde naamplaatjes, wordt opgeheven.
Bij besluit van 28 november 2022 stelde de gemeenteraad het retributiereglement inzake het gebruik van het gemeentelijk openbaar domein naar aanleiding van werken aan nutsvoorzieningen vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het stadsbestuur en de burgers worden voortdurend geconfronteerd met de plaatsing van en/of onderhoud aan verschillende nutsvoorzieningen op gemeentelijk grondgebied. Dit vergt werkzaamheden langs de gemeentelijke wegen en aldus een impact hebben op het openbaar domein.
De Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen heeft tot doel een snelle en vlotte uitvoering van de werken te bevorderen, teneinde de hinder en de duur van de werken tot een minimum te herleiden. Deze Code werd opgemaakt door een overlegplatform bestaande uit een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van de gemeenten.
Op het vlak van het onderhoud en de herstellingen moeten ook geregeld dringende werken worden uitgevoerd die verband houden met de continuïteit van de dienstverlening en daarnaast zijn er een aantal werken zoals aansluitingswerken, herstellingen en andere kleine onderhoudswerken die omzeggens constant een impact hebben op het openbaar domein.
De code werd geactualiseerd naar aanleiding van meer aandacht voor minder hinder, meer oog voor het totaal concept en het gebruik van nieuwe e-instrumenten GIPOD, KLIP...
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op ramingen MJP001697 (deel gas) en MJP000623 (deel elektriciteit), actie AC000389 en budgetrekening 70057000.
Het retributiereglement inzake het gebruik van het gemeentelijk openbaar domein naar aanleiding van werken aan nutsvoorzieningen, wordt vastgesteld.
Het retributiereglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Bij besluit van 25 oktober 2021 stelde de gemeenteraad het retributiereglement op huwelijksplechtigheden vast, voor de termijn eindigend op 31 december 2025. Bijgevolg dient er een nieuw retributiereglement vastgesteld te worden vanaf 1 januari 2026.
Het is wenselijk om een retributie te heffen op huwelijken die buiten de gewone diensturen worden voltrokken omdat hiervoor bijkomende diensten van het personeel worden vereist, en dus extra personeelskosten betekent.
De retributies zijn sinds de vorige vaststelling van het reglement ongewijzigd gebleven. In de periode van oktober 2019 tot oktober 2025 is de gezondheidsindex met 25% gestegen. Om de reële waarde van de retributies te herstellen, worden deze verhoogd met 25% en afgerond op 1 euro.
Vanaf 2027 worden de retributies jaarlijks aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex, zodat ze de inflatie volgen en hun reële waarde behouden.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan op raming MJP000516, actie AC000334 en budgetrekening 70000100.
Het retributiereglement op huwelijksplechtigheden wordt vastgesteld.
Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Het stadsbestuur Vilvoorde is lid van de opdrachthoudende vereniging INCOVO.
Bij brief van 7 november 2025 stuurt de opdrachthoudende vereniging INCOVO een uitnodiging voor de gewone jaarvergadering van vrijdag 19 december 2025 om 19 uur in de hoofdzetel van INCOVO, Buyssestraat (Cyriel) 5 te Vilvoorde.
De vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient voor elke algemene vergadering herhaald te worden.
De agenda van de gewone jaarvergadering bevat volgende agendapunten:
In zitting van 24 februari 2025 duidde de gemeenteraad mevrouw Katrien Vaes en de heer Jeroen Bergers, schepenen, als vertegenwoordigers van de stad Vilvoorde aan in de bijzondere algemene vergadering van de opdrachthoudende vereniging INCOVO.
De vertegenwoordigers van het stadsbestuur, aangesteld bij gemeenteraadsbesluit van 24 februari 2025, worden gemandateerd om op de gewone jaarvergadering van de opdrachthoudende vereniging INCOVO van vrijdag 19 december 2025, de volgende agendapunten goed te keuren:
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Een afschrift van dit besluit wordt toegestuurd naar de opdrachthoudende vereniging INCOVO, Buyssestraat (Cyriel) 5 te Vilvoorde.
Het stadsbestuur Vilvoorde is lid van de intergemeentelijke opdrachthoudende vereniging Havicrem, opgericht op 10 juni 2003 en verlengd in haar bestaansduur tot 10 juni 2035.
De vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient voor elke algemene vergadering herhaald te worden.
Bij mail van 7 november 2025 stuurt Havicrem een uitnodiging voor de buitengewone algemene vergadering op woensdag 17 december 2025 om 18.30 uur in het crematorium Daelhof, Erasmuslaan 50 te Zemst met volgende agendapunten:
Het ondernemingsplan 2026-2031 en de jaaractienota en begroting 2026 werden beide vastgesteld door de raad van bestuur van Havicrem van 4 november 2025.
De vertegenwoordigers van het stadsbestuur, aangesteld bij gemeenteraadsbesluit van 24 februari 2025, worden gemandateerd om op de buitengewone algemene vergadering van Havicrem van 17 december 2025 de volgende agendapunten goed te keuren:
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Een afschrift van dit besluit wordt toegestuurd naar Havicrem, Erasmuslaan 50, 1804 Cargovil (Zemst).